1. #algemeen-dagblad
  2. #demmink
  3. #doofpotpolitiek
  4. #mishandeld
  5. #onderzoeksjournalistiek
  6. #secretaris-generaal
  7. #vrij

<< error >> (our Markdown requires webpage links, not image links, see manual)

"De Roestige Spijker" WOBt Demmink-gate

De Brauw Blackstone Westbroek De heer mr. H. Knijff
Postbus 75084
1070AB Amsterdam
(per fax: 020 - 577 1775)

Geachte heer Knijff,
Amsterdam, 1 februari 2013

Uit de media heb ik begrepen dat u optreedt als advocaat van de heer mr. J. Demmink, voormalig secretaris-generaal van het Ministerie van Veiligheid en Justitie. Om die reden richt ik mij tot u met het volgende verzoek.

Dit verzoek leg ik u voor namens de Stichting De Roestige Spijker, van welke stichting ik de voorzitter ben. Deze stichting heeft ondermeer ten doel het bevorderen van onderzoeksjournalistiek aangaande mogelijke misstanden bij de overheid, het tegengaan van persbreidel en voorkomen van doofpotpolitiek. De naam van de stichting verwijst naar de column van Volkskrant columnist Jan Bennink, waarvan u een kopie bijgevoegd aantreft (bijlage 1).

Vanuit voormelde doelstelling volgt de Stichting met veel interesse de kwestie Demmink en de beschuldigingen die zijn geuit aan zijn adres. Ik wijs daarbij in het bijzonder op de publicaties in het Algemeen Dagblad van 6 en 8 oktober 2012, ondermeer met de titel “Justitiebaas had contact met pooier van jongetjes”. Indien deze ernstige verdachtmaking steun vindt in de feiten, heeft het Algemeen Dagblad daarmee een ernstige misstand blootgelegd. Er is communis opinio dat deze mogelijke misstand zorgvuldig dient te worden onderzocht.

In reactie op de zware beschuldigingen die het Algemeen Dagblad jegens uw cliënt de heer Demmink heeft geuit, heeft u nadrukkelijk verklaard, in het NRC Handelsblad van 8 oktober 2012, dat de beschuldigingen onwaar zijn en dat de onjuistheid van de verdachtmaking een bodemprocedure door de rechter zal worden vastgesteld, na het horen van de door het Algemeen Dagblad opgevoerde bronnen.

Minister Opstelten van Veiligheid en Justitie heeft de aangekondigde rechtsmaatregelen bevestigd en daaraan zijn steun gegeven. Navraag bij het Algemeen Dagblad leerde mij echter dat deze rechtsmaatregelen niet zijn doorgezet. De ernst van de beschuldigingen, zo heeft u zelf benadrukt, zouden noodzaken tot het onverwijld aanhangig maken van een smaadprocedure. De publieke aankondiging en uw stellige verklaring blijken loos.

In het NRC werd nochtans de aangekondigde bodemprocedure op 8 oktober 2012 als feit gebracht (“Justitie topman Demmink daagt AD voor de rechter wegens “onjuiste” berichtgeving”). In dit artikel verklaarde u: “als je niets doet, wordt de berichtgeving voor waar gehouden en dat accepteert Demmink niet”. En voorts: “Demmink wil dat de onderste steen in deze zaak boven komt. Laat de getuigen dan maar eens met naam en toenaam voor de rechter hun beschuldigingen uiten”.

Nu de berichtgeving over deze aangekondigde procedure prematuur is geweest, meen ik dat voorshands uitgegaan mag worden van de juistheid van de publicaties in het Algemeen Dagblad van 6 en 8 oktober jl., in het bijzonder van de daarin opgenomen verdachtmakingen jegens uw cliënt Demmink, zoals ontucht met minderjarige jongens. Uw cliënt doet immers niets en geeft daarmee aan dat de jegens hem geuite verdenkingen voor waar gehouden kunnen worden.
Naar mijn overtuiging maakt dit nader onderzoek des te prangender. Om daar een bijdrage aan te leveren, is de stichting voornemens de desbetreffende artikelen en de daarin jegens de heer Demmink geuite verdenkingen over te nemen op de website www.deroestigespijker.nl. Voor de goede orde voeg ik afschriften van deze publicaties bij (bijlage 2).

Zorgvuldigheidshalve zou ik voorafgaand aan deze publicatie graag de bevestiging ontvangen dat uw cliënt zijn bezwaren tegen deze publicaties heeft laten varen en dat hij tegen de herpublicatie hiervan door Stichting De Roestige Spijker niet in rechte zal optreden.
De Stichting zal vervolgens door middel van deze herpublicatie actief ijveren voor nader onderzoek naar de jegens de heer Demmink geuite verdenkingen, omdat het in hoge mate verontrustend is dat zulk onderzoek tot op heden is uitgebleven. U zult begrip hebben voor het belang van een publiek debat hierover, als ook over het uitblijven van degelijk onderzoek.

Dat belang klemt te meer nu de indruk ontstaat dat publiekelijk geuite verdenkingen jegens uw cliënt niet in openbaarheid aan een rechter ter toetsing worden voorgelegd, maar daarentegen door middel van dreigementen, intimidatie en andere oneigenlijke middelen worden gesmoord.

Ik hoef u niet toe te lichten dat dit een grove schending is van de vrijheid van meningsuiting zoals gewaarborgd in artikel 7 van de Nederlandse Grondwet en artikel 10 EVRM. Dit werd op schokkende wijze recent ondervonden door de Turkse journalist genaamd Burham Kazmali, die wegens zijn publicaties over uw cliënt in Turkije werd mishandeld. Ik verwijs u naar de brief d.d. 23 januari 2013 van de Nederlandse Vereniging
van Journalisten aan de Turkse ambassadeur waarin zij haar grote verontrusting hierover kenbaar heeft gemaakt.

Graag verneem ik daarom uiterlijk vrijdag 8 februari a.s. de hierboven verzochte verklaring van geen bezwaar namens uw cliënt, althans zijn bevestiging dat hij zal afzien van rechtsmaatregelen, opdat de stichting de publicaties in het Algemeen Dagblad van 6 en 8 oktober 2012, of delen daaruit, op haar website kan plaatsen.

Op voorhand ben ik u zeer erkentelijk voor uw spoedige reactie. Hoogachtend,
Stichting De Roestige Spijker Robert Rubinstein, voorzitter

Stichting De Roestige Spijker KNSM-laan 53 | 1019 LB Amsterdam | 06 22 464 104 KvK-nummer 57061890

www.deroestigespijker.nl

No Rights Reserved (CC0 1.0)
0